Vlaggewikkeblauwtje
Polyommatus eros
Eros-Bläuling

Het Vlaggewikkeblauwtje komt vooral voor in subalpiene en alpiene graslanden, vaak bezaaid met stenen en rotsen of met plekken waar kale bodem is aangesneden door erosie.

Eitjes en rupsen op Gewone rolklaver, Spitskiel-soorten en Hokjespeul-soorten. Vliegtijd midden juni tot midden augustus, tussen 1300 en 2700 m. hoogte.

Het Vlaggewikkeblauwtje is vooral een gebergtesoort. Toch lijkt de verspreiding in Nord-Tirol zeer beperkt. In het Oberinntal is de vlinder niet waargenomen. Het Unterengadin kent een aantal vindplaatsen; vooral het gebied ten noorden van Samnaun heeft een vrij hoge dichtheid van waarnemingen. Hier komt ook de gevangen/gefotografeerde vlinder vandaan.