Gentiaanblauwtje / Berggentiaanblauwtje groep
Phengaris alcon / rebeli
Enzian-/Alpiner Ameisenbläuling

Het Berggentiaanblauwtje (Phengaris rebeli) wordt gemakkelijk verwisseld op het sterk gelijkende Gentiaanblauwtje (Phengaris alcon). In de wetenschap is geen overeenstemming over de status van het Berggentiaanblauwtje als afzonderlijke soort, dat bijv. in het meldingsregister van iNaturalist alleen als Phengaris alcon geregistreerd kan worden.

Het Gentiaanblauwtje (P. alcon) komt in Tirol voor in vochtige heide, laagveen en door grondwater gevoede venige vegetaties, maar ook in drogere schraallanden en Jenerverbesheide.
Eitjes en rupsen op Gentiaan-soorten als Klokjesgentiaan, Zijdeplantgentiaan, Kruisbladgentiaan en Duitse Gentiaan.
De vliegtijd is van eind juni tot midden augustus tot op 1000 m. hoogte.

Het Berggentiaanblauwtje (P. rebeli) komt voor in korte, droge graslandvegetaties, soms met puin/stenen bezaaide hellingen. Als gebruikte planten voor eitjes worden in de literatuur Purpergentiaan, Sneeuwgentiaan, Duitse Gentiaan en de Veldgentiaan genoemd.
Vliegtijd midden juni tot eind juli, boven 1400 m. (Tirol) tot in de subalpiene zone.

In het Oberinntal zijn de soorten behorende tot de groep niet aangetroffen, maar het naburige Unterengadin kent verschillende populaties, waaronder die van Laj Nair bij Scuol, vanwaar de getoonde foto's uit 2025 stammen. In hoeverre deze waarnemingen het Gentiaanblauwtje dan wel het Berggentiaanblauwtje betreffen is onduidelijk. Weliswaar zijn de waarnemingen rond de 1500 m. hoogte gedaan; echter andere populaties in de omgeving komen duidelijk onder de voor het Berggentiaanblauwtje gestelde grens (beschreven voor het aangrenzende Tirol) van 1400 m. voor.

Maak jouw eigen website met JouwWeb